Geschiedenis

Geschiedenis

Op 15 oktober 1941 om 17.00 uur vindt in het St. Thomascollege de officiële opening plaats van de Roomsch Katholieke vereniging voor Volkshygiëne voor het gebiedsdeel Curaçao, het Wit Gele Kruis. Oprichter en voorzitter Luitenant Emile Ch. J. M. van de Laarschot. Bestuur: Frater Benedicto (secretaris), Broeder Grootens en dhr. Cardoze (leden). Een week na de oprichting wordt dr. C.J.H. Engels bij de Vereniging betrokken als medisch adviseur en vice-voorzitter. Onder de vleugels van deze katholieke vereniging worden diverse Stichtingen opgericht op een deelterrrein van de zorg, zowel op Curaçao als op de andere eilanden. Deze deelterreinen zijn: moeder en kindzorg, wijkzorg, bejaardenzorg, gehandicaptenzorg en tandheelkundige zorg.

In januari 1942 vindt de oprichting plaats van de eerste drie consultatiebureaus (Barber, St. Rosa en Groot Kwartier). Vanaf de oprichting van de consultatiebureaus, aanvankelijk onder de naam Stichting Wit Gele Kruis, later, sinds 1954 onder de naam Wit Gele Kruis ‘Mama di Bon Consejo’ heeft dr. C.J.H. Engels zowel op

bestuurlijk als uitvoerend niveau decennialang een actieve bijdrage geleverd aan de moeder en kindzorg. 9 maart 1943 wordt de stichting “Prinses Margriet” opgericht.

In 1953, bij het tweede lustrum, keert het tij van de magere jaren. Voor het eerst in haar bestaan getuigt het jaarverslag van een eervolle vermelding en een woord van waardering aan het ‘verpleegsterscorps’.

Bij het derde lustrum, jaar1958,verzorgt de wijkverpleging zeven wijken, waardoor het, ‘verpleegsterscorps’ een permanente bezetting heeft van tien zusters.

Bij het kroonjaar van het vierde lustrum, 1963, telt de Stichting:

ruim 1500 leden, waarvan 261 overheidspatiënten. Het totaal aantal huisbezoeken sedert de oprichting in 1943, bedroeg 708.412, schierhet zesvoudige van de totale bevolking van de Nederlandse Antillen, iets wat tot nu toe zijn weerga niet heeft gevonden in de geschiedenis van de volksgezondheid van de Nederlandse Antillen”.

In 1968, het vijfde lustrumjaar, wordt door de Stichting aan Zr. Schreurs van de Nationale Kruisvereniging gevraagd een onderzoek in te stellen naar de wijkverpleging. Resultaat van dit onderzoek: toezegging van Ontwikkelingshulp om in 1972 te starten met een Maatschappelijke Gezondheidszorg opleiding voor verpleegkundigen.

 

In jaar van het zesde lustrum, 1973, vindt de verhuizing plaats van het hoofdkantoor van de Stichting naar het huidige adres St. Maria 17.

Met de komst van twee Maatschappelijke GezondheidsZorg –verpleegkundigen (MGZ) in 1981, een Curaçaosche en een Nederlandse zuster, beiden opgeleid in Breda komt een verandering in het werksysteem. Het wijkwerk wordt verdeeld in basiseenheden, onder leiding van MGZ- verpleegkundige.

Bij het achtste lustrum in 1983 constateert men: ‘dat de wijkverpleging uitgegroeid was tot een van de belangrijkste onderdelen van de Maatschappelijke Gezondheidszorg op het Eilandgebied Curaçao’.

Het accent in het wijkwerk ligt nu voornamelijk in reactivering en het vergroten van de zelfzorg van de patiënten. De familie en mantelzorg worden steeds meer betrokken bij de zorgverlening, waardoor op een verantwoorde wijze een deel van de zorg over genomen kan worden.

In 1985 wordt gestart met transport van patiënten van en naar diverse zorginstellingen. Gemiddeld worden er 25 tot 30 patiënten per dag vervoerd.

In 1989, wordt in samenwerking met de NASKHO en de GGD het congres ‘Beleid en Kwaliteit van de Gezondheidszorg” georganiseerd in het kader van de viering van het negende lustrum. Professor Dr. H. Van Maenen, eerste verpleegkundige in Nederland die de titel van professor in de verpleegwetenschappen behaalde, was key-note spreker.

In 1992 vindt de overdracht plaats van de werkzaamheden van de zusterstichting ‘Mama di Bon Conseho’. Deze activiteiten worden middels subsidiering vergoed. Het totaal aantal nieuwgeborenen steeg met 1100 nieuwe cliënten tot een totaal van 1500 pasgeborenen. ( de stichting had in die tijd ongeveer 500 pasgeborenen in zorg).

In juni 1995 wordt een informatiecentrum te Santa Maria geopend. Het doel is: informatievoorziening en gezondheidsvoorlichting voor de bevolking en voor personeelsleden.

In 1996 wordt door het eilandgebied een aanzet gedaan tot integratie van de drie wijkinstellingen: Wit Gele Kruis voor Thuiszorg ‘Prinses Margriet’, de Neutrale Wijkverpleging, en Thuiszorg Banda Bao. Tot op heden echter is men er niet ingeslaagd de drie wijkverplegingen tot één thuiszorgorganisatie te realiseren.

In 1997 worden de activiteiten van een andere zusterstichting ‘Kuido pa Famia’ opgenomen in de stichtingsactiviteiten.

Op 3 april 1998 vindt de oprichting plaats van de Stichting Federatie Zorginstellingen Curaçao, waarvan Stichting Wit Gele Kruis voor de Thuiszorg ‘Prinses Margriet’ deel uit maakt. Doel: behartigen van gemeenschappelijke belangen van –en het desgewenst bieden van ondersteuning aan de zorginstellingen op Curaçao.

Bij de realisering van het elfde lustrumjaar, 1998, vindt de naamswijziging van de Stichting plaats in: Stichting Wit Gele Kruis voor Thuiszorg ‘Prinses Margriet’.

Op 20 maart 2001 wordt het gebouw van ‘Fuik’ heropend door mevrouw M. Coffie, gedeputeerde van volksgezondheid en sociale zaken. Doel van het projekt: Naast het functioneren als consultatiebureau, het stimuleren van gemeenschaps-zelfzorg door het promoveren van de gemeenschappelijke betrokkenheid bij en gebondenheid met en verantwoordelijkheid voor de eigen gezondheid.

In juli 2001 wordt door de gezamenlijke thuiszorgorganisaties de Zorgcentrale verwezenlijkt;alle zorganvragenkomen via de zorgcentrale binnen en worden vervolgens verwerkt. De gezamenlijke transmurale zorg volgt in november 2001.

De stichting zelf is in februari 2003 van start gegaan met het Bureau Indicatiestelling: de zorgaanvragen gaan nu eerst naar de Indicatiesteller waarna vervolgens in gezamenlijk overleg met de client, de zorg bepaald wordt.

Op 9 september 2003 is een zelfde project (zelfde doelstelling) als Fuik van start gegaan in het gerestaureerde gebouw te Mamayaweg.

Beide “welzijnsprojecten’ dragen bij aan het uitdragen van de Primary Health Care, met inzet van weinig professionelen de ondersteuning daar geven waar het nodig is en het gezamenlijk zelfzorgvermogen van de bevolking vergroten.

Het uitgangspunt van de Thuiszorg is snel en effectief reageren op hulpvragen door het inzetten van personeel met het juiste deskundigheidsniveau. Het aanbieden van zoveel mogelijk ‘zorg op maat’. De zorg, binnen de stichting, is erg in beweging, mede door de vergrijzing worden middelen gezocht en geanalyseerd om de zorg zo goed en effectief mogelijk te blijven verstrekken, een “zorgcommissie” buigt zich momenteel over de komende wijzigingen in structuur van zorg.

De werkzaamheden van de stichting worden momenteel gedragen door 265 personeelsleden.

Te blijven verstrekken…